Source : Autoweek issue 27 - 1994
Author : Hans Veldhuis
Editor :
Unfortunately I didnīt find the time to translate this text yet. So please be satisfied with only the Dutch version.
Voor de prijsbewuste zakelijke rijder die z'n vele kilometers graag in een stoere Volvo doorbrengt, is de 460 turbodiesel een gunstige aanbieding. In dit Dossier toont de Zweedse doordouwer zijn kwaliteiten
Volvo heeft heel lang geaarzeld met het uitbrengen van een diesel in de 400-serie, kennelijk omdat de behoudende Zweden het onbehaaglijke gevoel hadden dat zo'n zware luiduchtige stampmotor afbreuk zou doen aan het spreekwoordelijke Volvo-comfort. Toch staat er nu zo'n diesel op het programma en na een weekje rondkuisen in de 460 TD kan ik volmondig beamen dat Volvo met de van Renault betrokken 1.9 turbodiesel een prima keus heeft gedaan. De motor gedraagt zich rustig, is ongedacht soepel en presteert in de 400-koets meer dan bevredigend. De rust is mede te danken aan de turbocompressor, die een gunstig effect heeft op het uitlaatgeluid en ook de tussenkoeler - in de eerste plaats bedoeld voor een extra vermogensbonus - levert zijn bijdrage door een vermindering van het aanzuiggeruis. Bovendien heeft Volvo gezorgd voor een zeer trillingsarme motorophanging en een prima geluidsisolatie, want bij de gebruikelijke decibelmetingen in het interieur scoorde de testwagen vrijwel dezelfde waarden als een eerder gemeten 440 benzineversie
Alleen op Autobahn-snelheid, zo rond de 160 km/h, merk je het verschil: onder hoge belasting laat de turbodiesel duidelijk horen dat een compressie van ruim 20:1 nu eenmaal hardere klappen veroorzaakt dan een ruwweg tot de helft gecomprimeerde benzinemotor. In ruil voor dat diepe gebrom laat de turbodiesel echter een sympathiek brandstofverbruik noteren; tijdens de testweek bedroeg dat gemiddeld 1:14,7 en dat moet bij een wat minder veeleisende rijstijl dus makkelijk in de buurt van de 1:16 kunnen komen. Dat is - samen met een gematigde literprijs en de duurzaamheid van het motortype - natuurlijk het belangrijkste argument om voor zo'n diesel-Volvo te kiezen. Je moet er in verband met ons straffe belastingregiem wel flink wat kilometers voor onder de wielen laten doordraaien, maar dat is met een Volvo bepaald geen zware opgaaf.
vooral op de lange afstand onderscheid de 460 zich van veel andere middenklassers door zijn dienstbare gedrag. De besturing vraagt weinig aandacht, lange, snelle bochten worden bijna ongemerkt doorlopen, de remmen vertragen onder alle omstandigheden betrouwbaar en de soepele motor heeft genoeg reserve voor een pittig tussensprintje. Vooral als de makkelijk schakelende pook even in '4' wordt teruggelegd, bewijst de turbo in zijn optimale toerenberik wat hij waard is: minder dan 11 seconden van 80 naar 120 km/h is voor elke auto in deze grootte- en gewichtsklasse een heel gunstig rapportcijfer.
Hoewel er op de wegligging van de 400-serie au fond weinig valt aan te merken, is het bochtgedrag toch wat minder geraffineerd dan we tegenwoordig met de gebruikelijke semi-onafhankelijke achterassen en multilink-ophangingen gewend zijn. De starre achteras overtuigt nog steeds door zijn onverbiddelijke spoorvastheid, maar op golvende wegen en bij enige overhang in de bocht vereist de besturing op hogere snelheid wel wat aandacht. Verontrustend is het niet, want met zijn vrij zwaar op de vooras drukkende diesel gaat de 460 TD bij te veel vaart gewoon stevig ondersturen. Maar het is even wennen voor je dat 'omslagpunt' hebt gevonden en bij plotseling gas-loslaten komt de achterkant zwieriger naar buiten dan absluut nodig is.
Op zich is dat betrekkelijk onschuldig, maar ik werd toch even verrast toen ik na zo'n honderd onbezorgde snelweg-kilometers bij een afslag onverwacht werd geconfronteerd met een sterk afknijpende uitvoegbocht. Met wat tegenstuur en gedoseerd gas-erop was de situatie goed in de hand te houden, maar met een auto van de modernste lichting gaat zoiets meestal vanzelfsprekend.
Met zijn prettige stoelen, zijn flinke binnenruimte en zijn imponerende kofferbak is de 460 in turbodiesel-uitvoering een heel fijne reiswagen in het middenklasse-segment, die zich ook uitstekend leent voor veeleisend zakelijk gebruik. Ondanks zijn GLE-uitmonstering is hij volgens de laatste inzichten echter tamelijk sober uitegrust. Zo ontbeert hij het gemak van elektrisch bediende zijruiten en dito buitenspiegels, terwijl het ontbreken van een airbag bij een Volvo eigenlijk niet valt goed te praten. Aan de andere kant zit er wel ABS op de solide gebouwde 460, zodat de veiligheid toch wel goed is verzorgd.
En ten slotte is zijn prijs ten opzichte van de meeste concurrenten in ieder geval gunstig genoeg om het ietwat gedateerde, maar oerdegelijke basisontwerp letterlijk op de koop toe te nemen.
TESTRAPPORT |
||
| Motor | Rustig lopende turbodiesel met een zeer gelijkmatig vermogensverloop | 8,5 |
| Transmissie | Vijfbak schakelt makkelijk en exact met goed afgestemde overbrengingen | 8 |
| Remmen | Betrouwbaar en progressief werkende combinatie van schijven en trommels | 8 |
| Besturing | Niet bijster gevoelige bekrachtiging, maar wel comfortabel en spoorvast | 7,5 |
| Weggedrag | De gedateerde starre achteras geeft de 460 een goedmoedig bochtkarakter | 7,5 |
| Prestaties | Niet kinderachtig voor een diesel, zelfs iets beter dan de 1.8 benzine | 8,5 |
| Verbruik | Met inachtneming van de prestaties is 1:14,7 een erg fraai testverbruik | 9 |
| In/exterieur | Geactualiseerd, tijdloos silhouet en een rustig, zeer bewoonbaar interieur | 8 |
| Comfort | Prima verzorgd met stevige stoelen en vasthoudend, goed verend onderstel | 8,5 |
| Kofferruimte | In deze klasse duiden twee complete koffersets op een zeer fors volume | 8,5 |
| Waarde voor de prijs | Ruim 45 mille is geen koopje, maar de concurrenten kosten vaak nog wat meer | 7,5 |
| Eindoordeel | Geslaagde combinatie van een Nederlands ontwerp, Zweedse kwaliteit en een Franse Turbodiesel | |